Coöperatief kennismaken met de indianen van de prairie

Coöperatief leren

Wat is dat?

 

Bij coöperatief leren, ook wel samenwerkend leren genoemd, draait het om de samenwerking tussen leerlingen. 

De gedachte achter samenwerkend leren is dat zowel de sterke als de zwakker leerlingen iets bijleren. De zwakke leerlingen krijgen uitleg en worden aangemoedigd. De sterke leerlingen beheersen de leerstof op een hoger niveau als ze het aan iemand anders uitleggen. 

 

Bij coöperatief leren streven we dus een cognitief en een sociaal doel na. Niet alleen de leerstof, maar ook de samenwerking is belangrijk. De leerlingen leren niet alleen van de interactie met de leerkracht, maar ook van de interactie met elkaar. 

 

De leerlingen werken in tweetallen of groepjes. De samenwerking wordt gestimuleerd door coöperatieve werkvormen. De leerlingen geven elkaar uitleg, ze discussiëren over de leerstof, geven informatie en vullen elkaar aan (wij-leren.nl). 

 

7 sleutels tot succes

Volgens Kaghan (2010) bestaan er tijdens het coöperatief leren 7 sleutels tot succes (Huijden, 2015).

Coöperatief leren voor leerlingen met een visuele beperking

 

Coöperatief leren biedt een voordeel voor leerlingen met een visuele beperking. Er wordt in een kleine groep gewerkt waar de informatie van dichtbij komt en waar correctie en hulp direct gegeven kunnen worden. Sociale vaardigheden worden gestimuleerd, wat een voorwaarde is voor een succesvolle integratie. Coöperatief leren stimuleert de sociale competentie van de leerling en vergroot de acceptatie door klasgenoten.

De kwaliteit en kwantiteit van auditieve informatie zijn zeer belangrijk, doordat het zien als belangrijke infobron ontbreekt. De auditieve vaardigheden kunnen als kwaliteit benut worden in het samenwerken.

Specifieke aandachtspunten

Rol van de leerkracht: voorbereiding

  1. Bepalen van doelstelling(en)

De leerkracht bepaalt welke samenwerkingsvaardigheden de leerling wel of niet beheerst en selecteert op basis daarvan welke samenwerkingsvaardigheden gestimuleerd moeten worden door middel van coöperatief leren.

 

  1. Selecteren van een werkvorm

Ga als leerkracht op zoek naar werkvormen waarbij de leerling succeservaringen opdoet en op een gelijkwaardig niveau meedoet. Het is aangeraden om te starten met mondelinge werkvormen. Werkvormen waarbij de leerlingen om de beurt een inbreng hebben, zorgen voor voorspelbaarheid en rust.

 

  1. Selecteren van rollen

Kies voor rollen waarbij de leerling beroep kan doen zijn auditieve kwaliteit. Op die manier doet de leerling een succeservaring op en zien de klasgenoten deze kwaliteit ook in. De volgende rollen zijn hiervoor geschikt:

  • samenvatter,
  • stilte-kapitein,
  • aanmoediger.

 

  1. Groepsindeling

Deel de groepen heterogeen in naar prestatieniveau, sociale vaardigheden, geslacht en etniciteit.

 

  1. Inrichting van het lokaal

Verspreid de groepjes of tweetallen zo optimaal mogelijk in de klas. Overleg met de leerling of er een rustige plak nodig is om zicht te kunnen concentreren op wat er binnen het tweetal/de groep gezegd wordt.

 

  1. Maken van afspraken

Maak met de leerlingen afspraken over:

  • het geluidsniveau,
  • het benoemen van wat je denkt, voelt en vindt. De leerling met een visuele beperking kan dit niet zien aan de gezichtsuitdrukkingen of gebaren van zijn klasgenoten,
  • het is niet belangrijk wie er als eerste klaar is, maar wie de leukste, beste ideeën of antwoorden heeft.

 

Rol van de leerkracht: de uitvoering

  1. Toelichten van de werkvorm en opdracht

Licht de werkvorm en opdracht duidelijk toe. Een samenwerkingsvaardigheid kan met behulp van een rollenspel toegelicht worden. Op deze manier hoort de leerling wat er verwacht wordt bij deze vaardigheid.

 

  1. Observeren en begeleiden

Observeer het tweetal of groepje en begeleid indien nodig. Kijk of de groepsgenoten rekening houden met de leerling met een visuele beperking.

 

Rol van de leerkracht: de evaluatie

  1. Evaluatie van het groepsproces en de leerresultaten

Bespreek de activiteit met de leerlingen. Overloop klassikaal de resultaten en vraag hoe het groepsproces verliep. Je kan hierbij de gemaakte afspraken overlopen en vragen wat goed ging en wat de volgende keer anders kan. Positieve feedback is belangrijk, zodat de leerlingen voor een volgende coöperatieve activiteit gemotiveerd blijven (Förrer & Jansen 2010). 

 

Geschikte coöperatieve werkvormen voor leerlingen met een visuele beperking

Bron: Förrer & Jansen 2010

De activiteit

Tijdens de activiteit ligt de nadruk op de kracht van verbondenheid en behulpzaamheid. Bij coöperatieve werkvormen zijn alle leerlingen een waardevol lid van de groep. Daarnaast moeten de leerlingen elkaar helpen om de doelen te bereiken. 

Lesvoorbereiding Cooperatief Kennismaken Met De Indianen Van De Prairie
PDF – 1.6 MB 31 downloads
Powerpoint Cooperatieve
PowerPoint – 1.4 MB 30 downloads

In het bovenstaande bestand kan u de volledige lesvoorbereiding bekijken. Hieronder licht ik de belangrijkste aspecten toe. 

1. Doelstellingen

- De leerlingen maken kennis met de indianen van de prairie. 

- De leerlingen geven uitleg aan elkaar. 

- De leerlingen luisteren naar elkaar.

- De leerlingen voegen alle informatie samen in een collage. 

2. Didactische structuren

Tijdens de les wordt de volgende coöperatieve werkvorm gebruikt:

Legpuzzel

De leerstof wordt verdeeld in gelijke delen. De leerlingen zitten in heterogene stamgroepen. De uitkomst van het groepswerk is in deze les een affiche. Elk groepslid krijgt een nummer. Vervolgens gaan alle nummers 1 bij elkaar zitten. En de nummers 2, 3 en 4 ook. Dit zijn de expertgroepjes. De nummers 1 krijgen een onderdeel van de lesstof, en de andere groepjes ook. Alle groepjes verdiepen zich in hun tekst. Daarna gaat iedereen terug naar zijn stamgroepje. Daar vertellen de leerlingen om de beurt wat ze geleerd hebben. De leerlingen voegen alle informatie samen en maken er affiche van. Tenslotte evalueert de leerkracht met de leerlingen het groepsresultaat (wij-leren.nl).

3. Teams

De klas wordt in heterogene groepen verdeeld. De groepsindeling maakte ik aan de hand van het sociomatrix dat ik opstelde via de site www.sometics.be.

Op de site kan je de optimale groepsplattegrond opstellen om het sociaal klimaat en het werkklimaat te verbeteren. 

 

4. Sociale vaardigheden

Tijdens de les staan de volgende vaardigheden centraal: overleggen, luisteren, uitleg geven en overeenstemming bereiken. 

5. Management

Om de coöperatieve groep te managen, zijn enkele strategieën nodig. 

 

1. Stiltesignaal

Aangezien de leerlingen overleggen, zal er lawaai zijn in de klas. De leerlingen kennen het stilte-signaal. Als ik mijn hand in de lucht steek, doet iedereen dit en is het stil. Aan het bord wordt aangeduid dat de leerlingen hun 'spionnenstem' moeten gebruiken, dit wil zeggen dat enkel hun groepsgenoten hen mogen verstaan. In ieder groepje wordt een stiltebewaker aangeduid. 

 

2. Inrichting van het lokaal

De leerlingen zitten per 4 bij elkaar. De banken van de groepsgenoten staan dicht genoeg bij elkaar, zodat ze onderwerpen kunnen bespreken en allemaal even makkelijk hun beide handen op een gezamenlijk stuk papier kunnen leggen. Alle leerlingen kunnen zich probleemloos op het bord en de leerkracht richten. De teams zitten ver genoeg uit elkaar, zodat ze elkaar niet storen. 

 

3. Materialen

De groepen krijgen een bakje waar al het nodige materiaal inzit, zodat ze niet moeten rondlopen. 

 

4. Richtlijnen geven

De leerlingen krijgen een stappenplan, zodat ze duidelijk weten wat ze moeten doen. De groepjes kunnen zo elk op hun eigen tempo werken.

Ieder teamlid krijgt een specifieke rol toegewezen. De rol staat op een kaartje. Op de achterkant van het kaartje staat uitleg, zodat iedereen precies weet wat hij/zij moet doen (Kagan & Kagan, 2014). 

 

6. ICT-toepassingen

Om ervoor te zorgen dat de leerling met een visuele beperking, maar ook de leerlingen die moeite hebben met lezen, de les goed kunnen volgen, heb ik de leestekst ingesproken en op Youtube geplaatst. De leerlingen kunnen de tekst beluisteren met hun iPad. Er worden koptelefoons voorzien om de rust te bewaren. 

Reflectie

Het onderwerp sloot aan bij de interesses van de leerlingen. Ik gaf de stamgroepen namen van echte indianenstammen. Dit vergrootte de verbondenheid. In de toekomst zou ik de stammen nog een indianenkreet laten bedenken. 

 

De filmpjes op Youtube waren een succes. Niet alleen de leerling met een visuele beperking, maar ook veel andere leerlingen vonden het fijn dat ze de tekst eerst konden beluisteren. Na het beluisteren konden ze al veel van de informatie navertellen. Na het luisteren moet er wel afgesproken worden dat de iPad aan de kant gelegd wordt. Anders zijn er leerlingen die erdoor afgeleid zijn. 

 

Het was de eerste keer dat ik een coöperatieve werkvorm probeerde in deze klas. Het managen hiervan zal ik nog wat vaker moeten oefenen. Ik moest de leerlingen geregeld op hun rollen wijzen en het stiltesignaal moest vaak herhaald worden. In de toekomst zou ik een geluidsmeter gebruiken.

 

R. zijn betrokkenheid groeide gedurende de activiteit. Op het einde stelde hij zelf voor om een tekening van een paard uit zijn schriftje te knippen en op de poster te kleven. Hij vroeg ook of hij afbeeldingen van op de leestekst mocht uitknippen om erbij te kleven. 

 

De leerlingen moesten in groepjes de leestekst overlopen om de belangrijke woorden te markeren. Eén van de leerlingen uit de klas geraakt snel gefrustreerd. Dit was nu ook het geval, omdat zijn groepsgenoten niet vlot lazen. Hij werd kwaad. Ik zei aan hem dat hij de beste lezer van de groep was. "Hoe kan jij de anderen helpen in plaats van kwaad te worden?" We spraken af dat hij de tekst zou lezen, de anderen zouden reageren als ze een belangrijk woord hoorden. Dit verliep erg goed. Bij het reflecteren achteraf gaf hij aan dat hij eerst kwaad was, maar daarna goed geholpen had.  Een medeleerling schreef in zijn schriftje dat hij goed geholpen had. 

 

Een leerling met ASS kreeg de leestekst over de bizon. Dit was zijn lievelingsdier. Hij gaf er vroeger al eens een spreekbeurt over. Normaal heeft hij nood aan veel sturing tijdens groepswerk. Nu lukte het erg goed met weinig hulp. Hij was een echte expert toen hij terugkeerde naar zijn stamgroep. 

 

Een hoogsensitieve leerling is vaak erg onzeker als ze moet lezen of als ze moet spreken voor een groep. Ze haalde veel informatie uit de luistertekst en vertelde enthousiast over tipi's.

 

  Bron: pinterest.com